De Pionier van de Rode Outbacks Laten we meteen helder zijn: ik ben niet de wereldwijde uitvinder van de techniek light painting, maar rond 2010 was ik wel de allereerste in de outback van Centraal-Australië die op het idee kwam om een zaklamp actief te gebruiken om het landschap te belichten en uit te lichten. Terwijl iedereen rondom mij voorspelbare star trails stond te schieten of de woestijngrond liet verdrinken in een pikdonker silhouet tegen de Melkweg, wilde ik meer. Ik wilde in één enkele foto zowel de adembenemende kosmos als de mysterieuze schoonheid van het land zelf laten zien. In totale duisternis, gewapend met een oude wolfraam-Maglite en zelfgemaakte oranje daglichtfilters van tape, schilderde ik handmatig de eeuwenoude rode rotswanden en outbackbomen. Die regionale stijl heb ik daar van de grond af aan opgebouwd.
Hoe ik dit voor elkaar kreeg en mijn vaardigheden in het pikkedonker bleef verbeteren, mét behoud van strakke compositieregels? Omdat mijn hyperactieve brein nu eenmaal extreme, uitdagende taken nodig heeft om te focussen — of ik nu in de woestijn sta waar het dichtstbijzijnde dorp 490 kilometer verderop ligt, of hier in Nederland.
Sluit je ogen. Doe je hand eens voor je ogen. Zie je hoe aardedonker het wordt? Dat is pas echt donker: de outbacknachten in de Centraal-Australische woestijn bij Alice Springs. Door het gebrek aan luchtvochtigheid is het volgens wetenschappers een van de allerbeste plekken ter wereld om sterren te kijken. En ik had het geluk om daar 12 jaar te wonen.
AANPASSEN AAN DE OUTBACK
Toen ik op 29 april 2006 voor de liefde (inmiddels mijn ex) naar Australië emigreerde, moest ik wennen aan een wereld die in absoluut niets leek op het natte, koude Nederland. Alles stond letterlijk op zijn kop: seizoenen omgedraaid, dag en nacht omgedraaid, een droog klimaat in plaats van nat.
De zon en de maan komen weliswaar in het oosten op zoals in Nederland, maar bewegen via het noorden naar het westen. Hoe onwennig is dat? Dat heb ik grondig bestudeerd. De maan doet precies hetzelfde en planeten trekken in Australië via het zuiden juist over het noorden naar het westen. Daardoor zag ik ineens dat de maan “op zijn kop” stond (gezien vanuit een noordelijk perspectief zag ik geen ‘gezicht’, maar een ‘babygezichtje’). Omdat ik fysiek ten zuiden van de evenaar stond, moest ik letterlijk leren om “andersom” te denken. Na drie jaar links rijden en Australisch Engels spreken, was dat omgeslagen. Sterker nog: toen ik na drie jaar op bezoek was in Nederland, leek de maan ineens op zijn kop te staan!
Mentaal was het zwaarste nog wel om mijn biologische ritme aan te passen aan een regio zonder zomertijd. Dat duurde zo’n drie jaar. Het Northern Territory kent geen zomertijd omdat zo’n 30,5% van de inheemse bevolking daar leeft; twee keer per jaar de klok verzetten ontregelt hun natuurlijke biologische klok volledig.
Nadat ik mijn weg had gevonden, verkende ik elk Nationaal Park in de regio. Ik zocht perfecte locaties op via Google Earth, noteerde de GPS-coördinaten zodat ik ze in het pikkedonker feilloos terugkon vinden, en ging overdag voorbereiden om het beeld alvast in mijn hoofd vast te leggen.
CONCEPTUEEL DENKEN & UITVOERING
Elke foto die ik maak begint met een volledig uitgedacht concept in mijn hoofd, iets wat volkomen natuurlijk komt bij een neurodivergent brein. Gecombineerd met vier jaar kunstgeschiedenis en kleurenleer aan de universiteit — wetende hoe de Kelvin-waarden van zonlicht in Australië verschillen van Europa — werden compositie en precisie tweede natuur.
Het leven in de outback leerde me om niet bang te zijn voor de stilte, voor mijn eigen gedachten of voor de absolute duisternis. Hierdoor kon ik een belichtingstechniek ontwikkelen om in het donker te “zien”, feilloos te componeren en scherp te stellen net voor de oneindigheid.
Ik leerde zichzelf digitale fotografie van de grond af aan aan, bestudeerde maanfasen, de Melkweg en het Zuiderkruis — ik moest niets hebben van die standaard star trails, ik wilde pure, rauwe foto’s uit één opname. Pas tussen het moment dat de zon echt weg was en de maan opkwam, trok ik de bosjes in.
TERUG IN NEDERLAND
En nu, na mijn terugkeer in 2018, leg ik de duisternis hier vast. Wat een ramp vergeleken met de outback: enorme lichtvervuiling, amper open luchten en zes tot acht keer meer omgevingslicht om mee te dealen. Maar toen iemand tegen me zei dat het onmogelijk is om een sterrenhemel in Nederland vast te leggen omdat nergens donker genoeg is, nam ik die uitdaging aan. 1-0 voor Joycie.
Tot mijn grote verrassing (ik was al vergeten dat ik me had ingeschreven) bleken mijn foto’s van Johnny, een inheemse elder, en onze kampen in de outback niet alleen gedrukt te zijn in de National Geographic Kalender van 2022, maar haalden ze ook nog eens publicaties in de National Geographic Traveller Nederland! BOOM. Dat was nog eens een lekkere meeverrassing.
HOE IK DEZE TECHNIEK EN VAARDIGHEID ONTWIKKELDE
De Pionier van de Rode Outbacks Laten we meteen helder zijn: ik ben niet de wereldwijde uitvinder van de techniek light painting, maar rond 2010 was ik wel de allereerste in de outback van Centraal-Australië die op het idee kwam om een zaklamp actief te gebruiken om het landschap te belichten en uit te lichten. Terwijl iedereen rondom mij voorspelbare star trails stond te schieten of de woestijngrond liet verdrinken in een pikdonker silhouet tegen de Melkweg, wilde ik meer. Ik wilde in één enkele foto zowel de adembenemende kosmos als de mysterieuze schoonheid van het land zelf laten zien. In totale duisternis, gewapend met een oude wolfraam-Maglite en zelfgemaakte oranje daglichtfilters van tape, schilderde ik handmatig de eeuwenoude rode rotswanden en outbackbomen. Die regionale stijl heb ik daar van de grond af aan opgebouwd.
Hoe ik dit voor elkaar kreeg en mijn vaardigheden in het pikkedonker bleef verbeteren, mét behoud van strakke compositieregels? Omdat mijn hyperactieve brein nu eenmaal extreme, uitdagende taken nodig heeft om te focussen — of ik nu in de woestijn sta waar het dichtstbijzijnde dorp 490 kilometer verderop ligt, of hier in Nederland.
Sluit je ogen. Doe je hand eens voor je ogen. Zie je hoe aardedonker het wordt? Dat is pas echt donker: de outbacknachten in de Centraal-Australische woestijn bij Alice Springs. Door het gebrek aan luchtvochtigheid is het volgens wetenschappers een van de allerbeste plekken ter wereld om sterren te kijken. En ik had het geluk om daar 12 jaar te wonen.
AANPASSEN AAN DE OUTBACK
Toen ik op 29 april 2006 voor de liefde (inmiddels mijn ex) naar Australië emigreerde, moest ik wennen aan een wereld die in absoluut niets leek op het natte, koude Nederland. Alles stond letterlijk op zijn kop: seizoenen omgedraaid, dag en nacht omgedraaid, een droog klimaat in plaats van nat.
De zon en de maan komen weliswaar in het oosten op zoals in Nederland, maar bewegen via het noorden naar het westen. Hoe onwennig is dat? Dat heb ik grondig bestudeerd. De maan doet precies hetzelfde en planeten trekken in Australië via het zuiden juist over het noorden naar het westen. Daardoor zag ik ineens dat de maan “op zijn kop” stond (gezien vanuit een noordelijk perspectief zag ik geen ‘gezicht’, maar een ‘babygezichtje’). Omdat ik fysiek ten zuiden van de evenaar stond, moest ik letterlijk leren om “andersom” te denken. Na drie jaar links rijden en Australisch Engels spreken, was dat omgeslagen. Sterker nog: toen ik na drie jaar op bezoek was in Nederland, leek de maan ineens op zijn kop te staan!
Mentaal was het zwaarste nog wel om mijn biologische ritme aan te passen aan een regio zonder zomertijd. Dat duurde zo’n drie jaar. Het Northern Territory kent geen zomertijd omdat zo’n 30,5% van de inheemse bevolking daar leeft; twee keer per jaar de klok verzetten ontregelt hun natuurlijke biologische klok volledig.
Nadat ik mijn weg had gevonden, verkende ik elk Nationaal Park in de regio. Ik zocht perfecte locaties op via Google Earth, noteerde de GPS-coördinaten zodat ik ze in het pikkedonker feilloos terugkon vinden, en ging overdag voorbereiden om het beeld alvast in mijn hoofd vast te leggen.
CONCEPTUEEL DENKEN & UITVOERING
Elke foto die ik maak begint met een volledig uitgedacht concept in mijn hoofd, iets wat volkomen natuurlijk komt bij een neurodivergent brein. Gecombineerd met vier jaar kunstgeschiedenis en kleurenleer aan de universiteit — wetende hoe de Kelvin-waarden van zonlicht in Australië verschillen van Europa — werden compositie en precisie tweede natuur.
Het leven in de outback leerde me om niet bang te zijn voor de stilte, voor mijn eigen gedachten of voor de absolute duisternis. Hierdoor kon ik een belichtingstechniek ontwikkelen om in het donker te “zien”, feilloos te componeren en scherp te stellen net voor de oneindigheid.
Ik leerde zichzelf digitale fotografie van de grond af aan aan, bestudeerde maanfasen, de Melkweg en het Zuiderkruis — ik moest niets hebben van die standaard star trails, ik wilde pure, rauwe foto’s uit één opname. Pas tussen het moment dat de zon echt weg was en de maan opkwam, trok ik de bosjes in.
TERUG IN NEDERLAND
En nu, na mijn terugkeer in 2018, leg ik de duisternis hier vast. Wat een ramp vergeleken met de outback: enorme lichtvervuiling, amper open luchten en zes tot acht keer meer omgevingslicht om mee te dealen. Maar toen iemand tegen me zei dat het onmogelijk is om een sterrenhemel in Nederland vast te leggen omdat nergens donker genoeg is, nam ik die uitdaging aan. 1-0 voor Joycie.
Tot mijn grote verrassing (ik was al vergeten dat ik me had ingeschreven) bleken mijn foto’s van Johnny, een inheemse elder, en onze kampen in de outback niet alleen gedrukt te zijn in de National Geographic Kalender van 2022, maar haalden ze ook nog eens publicaties in de National Geographic Traveller Nederland! BOOM. Dat was nog eens een lekkere meeverrassing.
Share this:
Like this: